Lichtaard

Het dorp Lichtaard


Lichtaard heeft 21 woningen en 3 nog in werking zijnde veehouderij bedrijven. Eind jaren '80, begin '90 van de vorige eeuw, zijn er 4 nieuwe woningen gebouwd. Daarvoor is een gedeelte van de afgegraven terp weer opgevuld.
Het dorp heeft een open verbinding met de Dokkumer EE. In 2005 zal er een begin worden gemaakt met een fietspad langs de Holwertervaart tevens wordt de vaart aangepast voor meer waterberging.
In Lichtaard bestaat nog de burenplicht, de mannen van het dorp komen eenmaal per jaar bijeen tijdens deze bijeenkomst worden alle zaken (lief en leed) besproken. 

De schrijver van o.a. "Het Heechhof" Reinder Brolsma heeft tot 1916 op de "Boelens" gewoond waar later "âlde Siebe" Siebe Dantuma woonde. Brolsma was hier huisschilder en ging met verfpot en glazenbak langs de boerderijen tot zijn vertrek naar Akkrum. Later is Brolsma verhuisd naar Stiens. In de tweede wereldoorlog had hij sympathieën voor Duitsland en mocht hij na de oorlog 1 jaar geen werk uitbrengen. In 1953 kwam hij waarschijnlijk door zelfmoord om het leven.

De Kerk van Lichtaard is eigendom van de Stichting Alde Fryske Tsjerken en in 1973 gerestaureerd. Voor 1866 had het dorp een eigen school voor aan de terp. De koster was tevens schoolmeester en voorzanger soms inde hij de belastingen en was dorpsrechter. 

Per 1 januari 2003 telde Lichtaard 74 en per 1-1-2005 78 en per 1-1-2006 84 inwoners.

In Lichtaard zijn een aantal naambordjes geplaatst bij boerderijen en woonhuizen. Op deze naambordjes staan onder andere verschillende oud- en nieuwe bewoners van deze woonhuizen en boerderijen.

School in Lichtaard 

In sept. 1677 was mr. Claes Seerps hier schooldienaar. Vóór 2 feb. 1689 overleed mr. Claes Sierps, "geweesene schoeldienaer en ontfanger van den dorpe Lichtaard". Zijn weduwe was Bauck Joannes.

Op 24 nov. 1693 stond hier mr. Tiaerd Arriens als schooldienaar en ontvanger. Ook in 1694 werd hij als zodanig genoemd. Op 20 mei 1707 was Rinske Taekes hier; zij was de weduwe van wijlen Lieuwe Gerryts in leven schooldienaar te Lichtaard. Er was een kind ( a Gerrit) van een half jaar. Waarschijnlijk is Lieuwe Gerryts slechts kort schoolmeester geweest.

Op 21 nov. 1713 was Rintje Jenties hier dorprechter. Op 19 okt. 1724 was hij schoolmeester en dorprechter; hij was toen 33 jaar. In april 1744 was mr. Johannes Arjens Bergsma hier als schoolmeester; hij was omstreeks 1711 geboren. In 1761 was hij ook dorprechter. In 1783 was hij hier nog. In 1786 werden zijn vee en koemelkersgereedschap "verboelgoed". Zijn vrouw was Nieske Ypey, dochter van Anne Ypey, de schoolmeester van Hogebeintum. Zij is op 16 april 1778 overleden.

In juni 1791 was Taede Gerbens Miedema hier als schoolmeester. Hij was tevens dorprechter van Lichtaard en Genum. Zijn vrouw heette Jitske Eintes. Hij is in 1816 overleden. Op 1 jan. 1817 werd Kornelis Wopkes Smidt (3e rang), uit Raard, benoemd. Het traktement bedroeg toen ƒ 84 en de opkomsten van 1 pondemaat weiland en het beweiden van een lange groene reed, de schoolpenningen en een woning met een hof. Smidt werd later afgezet.

Op 13 sept. 1819 werd Anne Folkerts Bouma (3e rang) van Foudgum benoemd. In 1830 werd een nieuwe school gesticht. Hij is op 8 sept. 1833 overleden. Toen werd Jacob Eelkes Talsma (3e rang) provisioneel aangesteld. Hij was eerder ondermeester te Hijum. In het voorjaar van 1835 werd hij vast aangesteld. Bij resolutie van Gedeputeerde Staten van 6 mei 1841 werd hij afgezet met intrekking van zijn akte, "wegens bestendig verzet tegen de wettelijke reglementen, voornamelijk betreffende de koepok-inenting". Hij was daarvoor reeds geschorst.

Kornelis S. de Jong (3e rang) werd toen provisioneel aangesteld. Op 1 nov. 1841 werd Berend Jans Klasinga (3e rang) benoemd. Hij was eerder ondermeester te Harlingen. Het inkomen bestond toen uit ƒ 134 en enig land, schoolpenningen en een woning. Hij is in 1881 overleden. De school werd in 1882 opgeheven, nadat in 1874 nog een nieuwe school was gebouwd.